De Pakjesdrop
Ozosnel galoppeert met de Sint over de daken. Tik als de schoorsteen groen wordt, dan valt het pakje erin en gaat in dat huis het licht aan. Rij langs acht straten, van het Pepernotendorp tot het Kasteel.
Speel De Pakjesdrop
Speltips
Kijk naar het stippellijntje onder de Sint: daar valt het pakje heen. Komt een schoorsteen op het eind van dat lijntje, dan wordt hij groen, en dán tik je. Wacht liever een tikje dan dat je te vroeg gaat, want je zak heeft maar een paar pakjes extra. Rookt een schoorsteen, dan brandt daar de kachel: neem de andere schoorsteen van dat huis. En op het Marktplein gaan de klepjes open en dicht, dus kijk eerst even hoe snel.
De Pakjesdrop: een hele straat aan het licht
In De Pakjesdrop galoppeert Ozosnel met de Sint door de nachtlucht, net boven de daken. Jij bepaalt wanneer de Sint een pakje uit de zak laat vallen. Valt het in de schoorsteen, dan gaat in dat huis het licht aan en zwaait er een kind in pyjama voor het raam. Aan het eind van de straat zie je de hele rij huizen terug, met de huizen die nog in het donker staan. Er zijn acht straten: het Pepernotendorp, de Bakkerssteeg, de Grachtengordel, het Molenpad, het Marktplein, de Haven, de Grote Stad en het Kasteel. Elke straat heeft iets nieuws, zoals een gouden schoorsteen, een kachel die brandt, klepjes die dichtklappen of wind die de pakjes opzij blaast. Met één ster gaat de volgende straat open.
Zo speel je De Pakjesdrop
Druk op Begin de rit en Ozosnel gaat op weg. Tik op het speelveld, klik met de muis of druk op de spatiebalk, en de Sint laat een pakje vallen. Onder hem zie je een stippellijntje dat laat zien waar het pakje terechtkomt. Wordt dat lijntje groen, dan valt het pakje precies in de schoorsteen. Raak je het midden, dan krijg je een gouden stempel Precies. Elk raak pakje zet een huis aan, en meerdere keren raak op rij maakt je punten twee, drie of zelfs vier keer zo veel. Mis is niet erg: het pakje stuitert dan van het dak en je probeert het bij het volgende huis.
Zo zet je de hele straat aan
- Wacht op groen. Een pakje dat nergens in valt, ben je kwijt, en je zak heeft er maar een paar extra.
- Voor elk huis is één pakje genoeg. Een tweede pakje in hetzelfde huis telt niet.
- Een gouden schoorsteen is smal, maar levert honderd punten extra op.
- Een rokende schoorsteen sla je over: daar brandt de kachel. Het huis heeft altijd nog een andere schoorsteen.
- Het laatste huis van elke straat is groot. Raak je dat, dan gaan alle ramen tegelijk aan.
- De helft van de huizen is één ster, bijna alles twee sterren, en de hele straat verlicht drie sterren.
Voor welke leeftijd en op welk scherm
De eerste straten zijn te doen vanaf een jaar of vier: je hoeft alleen op het goede moment te tikken, en in het Pepernotendorp helpt de Sint nog een beetje mee met mikken. Verderop gaat Ozosnel harder en worden de schoorstenen smaller, en dan is drie sterren ook voor ouders best lastig. Op een telefoon vult het spel je hele scherm en tik je met één vinger. Op de computer gebruik je de muis of de spatiebalk. Je sterren en je beste score per straat blijven op je eigen apparaat bewaard. Wil je weten hoe lang het nog duurt tot de echte pakjes komen? Kijk dan bij Aftellen.
Waarom de Pieten dit oefenen
Op pakjesavond moeten de cadeaus door de schoorsteen naar binnen, en dat is nog best een kunst als je in galop over de daken gaat. Daarom oefent de Sint elk jaar met Ozosnel boven de daken van de stad, straat voor straat. Of jouw eigen schoorsteen er klaar voor is, zie je bij De Schoorsteencheck. En wie Ozosnel beter wil leren kennen, gaat naar de pagina van Ozosnel of zijn stal.