Spelletjes Creatief Kleurplaten Online kleuren Knutselen Surprisemachine Gedichtenhulp Verlanglijstje Brief aan Sinterklaas Pepernotenlab Taaitaai maken Alles over creatief Ontdek Het Kasteel van de Sint De Pakjesboot Het Grote Boek De Vragenkist Pietenwoordenboek Pietensollicitatie Bureau voor Vergissingen De Schoorsteencheck Het Zolderarchief De Tijdmachine Ozosnel Mandarijnen Magazijn Mijn stempelkaart Informatie Sinterklaasjournaal Nieuws De intocht Sinterklaasfilms Liedjes Aftellen Wanneer komt de Sint? Schoen zetten Cadeautips Voor volwassenen Sinterklaas speurtocht Sinterklaas dobbelspel Het Klaslokaal van de Sint Sinterklaasbingo Sinterklaasquiz Kringgesprek Aftelposter
Home / Tijdmachine

De Tijdmachine

Dezelfde huiskamer, vier keer. In 1880, in 1930, in 1975 en vandaag. De schoen staat er elke keer, maar wat erin ligt verandert, en de manier waarop je hoort dat de Sint eraan komt verandert nog veel meer.

Zet de tijdmachine op een jaar

Schuif langs de vier tijdvakken. De kamer is steeds dezelfde, kijk maar naar het raam.

1880: een appel is al feest

Het is koud in huis, want alleen de kamer met de kachel wordt warm gestookt. Je zet je schoen bij die kachel, want dat is de gezelligste plek van het huis. Licht komt uit een petroleumlamp en die gaat op tijd uit, want petroleum kost geld.

In je schoen

Een appel of een sinaasappel, wat speculaas of kruidnoten en als het meezat een houten speelgoedje of een taaipop. Een chocoladeletter zat er nog niet in.

Op tafel

Speculaas, taaitaai, borstplaat en marsepein. De letters die op tafel lagen waren nog van brood- of banketdeeg, niet van chocolade.

Hoe je van de Sint hoorde

Van je ouders, van de meester op school en uit prentenboeken. Er was geen radio en er was geen televisie, dus alles ging van horen zeggen.

Weetje

Dat Sinterklaas met een stoomboot uit Spanje komt, staat in een prentenboek van de Amsterdamse schoolmeester Jan Schenkman dat rond 1850 verscheen. Dat beeld is dus best jong.

Wat er in al die jaren echt veranderde

Vier keer dezelfde kamer, en toch drie grote verschillen.

Het eerste verschil zit in de schoen. In 1880 kreeg je iets kleins en iets eetbaars, en dat was genoeg om een hele week over te praten. Een sinaasappel kwam van heel ver en was in de winter bijzonder. Naarmate spullen goedkoper werden en winkels voller raakten, werd wat er in de schoen ligt vanzelf groter en gewoner. Dat maakt het niet leuker of minder leuk, het maakt het alleen anders.

Het tweede verschil zit in het snoepgoed. Speculaas en peperkoekjes bestonden al ver voor 1880, dus die zijn de echte constante. De chocoladeletter is er pas later bij gekomen: tegen het einde van de negentiende eeuw maakten fabrikanten als Verkade en Droste chocolade goedkoper en gewoner, en verdrong de chocoladeletter de oudere letter van deeg. Wie in 1880 een chocoladeletter kreeg, had ouders met veel geld.

Het derde en grootste verschil zit niet in wat je krijgt, maar in wat je weet. In 1880 hoorde je over de Sint van je ouders en van school. In 1930 kwam zijn stem de kamer in via de radio. Vanaf 1952 kon je de landelijke intocht op televisie zien, en sinds 2001 volg je hem dagelijks in het Sinterklaasjournaal. In honderdvijftig jaar is Sinterklaas van horen zeggen veranderd in iemand van wie je precies weet waar hij is.

En over honderd jaar?

Stel je voor dat er in 2126 een kind is dat deze pagina leest en denkt: wat vierden ze dat toen nog ouderwets. Wat zou dat kind dan in zijn of haar schoen vinden? Praat er eens over met de klas, of aan tafel thuis. Er is geen goed antwoord, want niemand weet het. Dat is juist het leuke.

  • Wat ligt er in 2126 in de schoen? Nog steeds kruidnoten, of iets wat wij ons niet eens kunnen voorstellen?
  • Waar zet je je schoen als er dan geen verwarming meer bij het raam staat?
  • Komt de Sint dan nog met een stoomboot? En zo niet, waarmee dan wel?
  • Hoe hoor je dan dat hij eraan komt? Bestaat het Sinterklaasjournaal dan nog?
  • Wat zouden ze in 2126 het gekste vinden aan hoe wij het nu vieren?
  • En welk stukje van het feest blijft volgens jou precies hetzelfde?

Wat je ook bedenkt, één ding weten we vrij zeker: er staat nog steeds ergens een schoen, er zit nog steeds iemand ongeduldig te wachten, en er zingt nog steeds iemand vals mee. Dat is in honderdvijftig jaar niet veranderd, dus waarom zou het nu ineens wel.