Hoor, wie klopt daar kinderen
Songtekst om mee te zingen.
Hoor, wie klopt daar kind'ren, hoor, wie klopt daar kind'ren, hoor, wie tikt daar zachtjes tegen 't raam? 't Is een vreemd'ling zeker, die verdwaald is zeker, 'k zal hem gauw eens vragen naar zijn naam.
Sint Nicolaas, Sint Nicolaas, breng ons vanavond een bezoek, en strooi dan wat lekkers in d' een of d' andere hoek.
Stoute kind'ren, zegt hij, krijgen knorren, zegt hij, of een zakje, zegt hij, met wat zout. Want je weet wel, zegt hij, dat Sint Nicolaas, zegt hij, van die stoute kind'ren heel niet houdt.
Sint Nicolaas, Sint Nicolaas, breng ons vanavond een bezoek, en strooi dan wat lekkers in d' een of d' andere hoek.
Over dit liedje
Hoor, wie klopt daar kinderen hoort bij de spannendste sinterklaasliedjes: er wordt zachtjes tegen het raam getikt, en wie zou dat toch zijn? Natuurlijk is het Sint Nicolaas, die 's avonds langskomt om wat lekkers rond te strooien. Het liedje wordt al generaties lang gezongen en is geliefd omdat het net zo'n beetje griezelig begint als het wachten op pakjesavond zelf voelt.
Tekst en muziek: traditioneel.
Waar komt dit lied vandaan?
Van dit liedje is niet bekend wie het bedacht heeft. Het is doorgegeven van ouders op kinderen en van juf op klas, en zulke liedjes hebben zelden een naam eronder staan.
Het hoort in de praktijk bij Hoor de wind waait door de bomen. Veel mensen zingen die twee vlak achter elkaar: eerst het luisteren naar de wind, dan het kloppen op het raam. Samen vormen ze een klein verhaaltje.
Het couplet over stoute kinderen wordt tegenwoordig lang niet overal meer gezongen. Bij roe in het Pietenwoordenboek staat hoe daar nu over gedacht wordt: Sinterklaas en de Pieten houden het liever bij een goed gesprek en een nieuwe kans. Je mag dus gerust bij het refrein blijven.
Moeilijke woorden
Dit liedje zit vol woorden met een apostrof erin en zinnen die achterstevoren lijken te staan. Hier staat wat er bedoeld wordt.
Kind’ren
Gewoon kinderen, maar met de e eruit gehaald. Dat gebeurt in oude liedjes voortdurend, omdat het volle woord net een lettergreep te lang is voor de maat. Zingen doe je het vanzelf goed.
Een vreemd’ling
Een vreemdeling, iemand die je niet kent. Het kind in het liedje weet dus nog helemaal niet wie daar tikt. Dat maakt het net een beetje eng, en precies dat is de bedoeling.
Zeker
Hier betekent het niet honderd procent zeker, maar juist waarschijnlijk. Het is een gok: het zal wel een vreemdeling zijn die verdwaald is. Verwarrend woordje, dat is het.
Sint Nicolaas
De deftige, volledige naam van Sinterklaas. Sinterklaas is de gezelligere, samengetrokken versie. In liedjes staat vaak de lange naam, omdat die beter in de maat past.
Strooi dan wat lekkers
Strooien is met een handvol tegelijk rondgooien. Wat er dan door de kamer stuitert heet strooigoed: kruidnoten, pepernoten en klein snoep.
In d’ een of d’ andere hoek
In de een of de andere hoek, oftewel: waar dan ook, dat maakt niet uit. Het kind vraagt niet om een nette plek, als er maar iets ligt.
Knorren
Een standje krijgen, mopperend toegesproken worden. Het woord komt van het geluid dat een varken maakt, en dat hoor je er ook wel een beetje in.
Een zakje met zout
Vroeger werd in liedjes gedreigd met iets stoms in plaats van iets lekkers. Zout in je schoen in plaats van snoep, zeg maar. Tegenwoordig doet niemand dat meer, en de Sint al helemaal niet.
Heel niet houdt
Helemaal niet houdt van. De woorden staan in een volgorde die nu raar klinkt, maar vroeger heel gewoon was. Zo praatten mensen echt.
Zegt hij
Dit staat er wel zes keer in. Het kind vertelt door wat de Sint gezegd zou hebben, en houdt zo een beetje afstand. Alsof het zeggen wil: ik verzin het niet, hij zei het.
Zo zing je het
Begin zacht en geheimzinnig, want er wordt getikt en niemand weet nog door wie. Bij het refrein mag het volume omhoog: daar roep je de Sint gewoon rechtstreeks aan.
Het werkt heel goed met twee groepen. De ene groep zingt de coupletten, de andere doet het refrein. En als er iemand is die op de goede momenten tegen het raam kan tikken, wordt het meteen tien keer spannender.
Zing het bij het schoen zetten of op een donkere avond met de gordijnen open. Wie een echte tik tegen het glas hoort, mag zelf uitmaken wat dat was.
Zing je deze ook nog even?
Je stem is nu toch al warm. Deze staan hiernaast in het boek.
- Zachtjes gaan de paardenvoetjesStil zijn, want het paard loopt over het dak.
- Hop, hop, hopEen galopliedje waarbij je lekker mag stampen.
- RommeldebommelEen liedje dat rommelt en bomt, lekker hard zingen.
- Dag SinterklaasjeHet zwaailiedje voor als de Sint weer naar Spanje gaat.
- Sinterklaas is jarigFeest, want de Sint viert zijn verjaardag.
