Spelletjes Creatief Kleurplaten Online kleuren Knutselen Surprisemachine Surprise-ideeën per thema Gedichtenhulp Rijmwoordenboek Verlanglijstje Brief aan Sinterklaas Recepten Pepernotenlab Taaitaai maken Alles over creatief Ontdek Het Kasteel van de Sint De Pakjesboot Het Grote Boek De Vragenkist Pietenwoordenboek Pietensollicitatie Het Pietenschrift Bureau voor Vergissingen De Schoorsteencheck Het Zolderarchief De Tijdmachine Ozosnel De Stal van Ozosnel De Postzak De Grote Meetlat Mandarijnen Magazijn Mijn stempelkaart Informatie Sinterklaasjournaal Nieuws De intocht Sinterklaasfilms Liedjes Aftellen Wanneer komt de Sint? Schoen zetten Pakjesavond Cadeautips Voor ouders en verzorgers Sinterklaas speurtocht Sinterklaas dobbelspel Het Klaslokaal van de Sint Sinterklaasbingo Beamerquiz voor de klas Sinterklaasquiz Kringgesprek Aftelposter
Home / Liedjes / Rommeldebommel

Rommeldebommel

Songtekst om mee te zingen.

Rommeldebommel, wat een gestommel, hoor ik me daar op de zolder. Rinkeldekinkel, wat 'n gerinkel, wat 'n geholderdebolder.

Dat is Sinterklaas met zijn vriend Pieterbaas, die zijn weer uit Spanje gekomen. Ze hebben weer zakken en manden en pakken vol lekkers en moois meegenomen.

Ze gaan met gemak op een paard over 't dak, geen regen of wind kan hen hind'ren. Ze vragen meteen door de schoorsteen dan heen: "Zijn hier nog stoute kind'ren?"

"Welnee Sinterklaas, ach, welnee Pieterbaas, we zijn immers allemaal zoetjes. We doen heus geen kwaad, niet in huis, niet op straat, vraag 't aan onze paatjes en moetjes."

Over dit liedje

Rommeldebommel begint met een hoop lawaai op de zolder: rommeldebommel, rinkeldekinkel, wat een geholderdebolder! Al snel blijkt dat het Sinterklaas en Pieterbaas zijn, die over het dak zijn gekomen met zakken en manden vol lekkers. Als de Sint door de schoorsteen vraagt of er nog stoute kinderen zijn, antwoorden de kinderen in koor dat ze dit jaar allemaal hun best hebben gedaan.

Tekst en muziek: traditioneel.

Waar komt dit lied vandaan?

Wie dit liedje geschreven heeft, is niet bekend. Het staat wel in een liedboekje met pianobegeleiding van ongeveer honderd jaar geleden, dus toen kenden mensen het al. Hoeveel ouder het is, weet niemand.

Het bijzondere zit hem in de woorden. Rommeldebommel, rinkeldekinkel en holderdebolder staan niet in het woordenboek, ze zijn gemaakt van geluid. Je hoort de herrie op zolder gewoon gebeuren, ook als je geen idee hebt wat er staat.

In het laatste couplet antwoorden de kinderen zelf, en ze verdedigen zich meteen stevig. Niet in huis, niet op straat, en vraag het maar na bij de ouders. Dat is een slimme zet van wie dit liedje ook bedacht heeft.

Zo zing je het

Snel, rommelig en met veel kabaal. Het liedje heet niet voor niets zo. Struikelen over de woorden hoort erbij, en wie het perfect zingt, doet het eigenlijk verkeerd.

  • Stamp met je voeten bij rommeldebommel en holderdebolder.
  • Doe het laatste couplet met een overdreven onschuldig stemmetje.
  • Laat iemand boven aan de trap staan bonken tijdens het eerste stuk.

Het is een liedje voor binnen, het liefst in een huis met een zolder waar iets zou kunnen liggen. Werkt ook prima in de klas, al is de kans op een echte Piet op het dak daar wat kleiner.

Moeilijke woorden

De helft van dit liedje bestaat uit woorden die iemand ter plekke verzonnen heeft. De andere helft is gewoon oud.

Gestommel
Dof gebonk, het geluid van iemand die ergens tegenaan loopt. Je hoort het meestal boven je hoofd en je weet nooit precies wat het was.
Gerinkel
Het heldere geluid van iets dat rammelt of tinkelt, zoals sleutels of glas. Bij de Pieten waarschijnlijk gereedschap, of een zak vol muntjes van chocola.
Geholderdebolder
Holderdebolder betekent halsoverkop, rollend en tuimelend naar beneden. Zet er ge voor en het wordt een geluid: het lawaai van iemand die de trap af dendert.
Pieterbaas
Een oude, vriendelijke naam voor Piet, zoals je die eigenlijk alleen nog in liedjes tegenkomt. Waar dat baas achteraan vandaan komt, weet niemand meer precies.
Manden
Grote gevlochten korven met oren eraan. Vroeger ging alles in manden: brood, wasgoed en dus ook cadeaus.
Hind’ren
Hinderen, oftewel tegenhouden of in de weg zitten. Regen en wind krijgen deze twee dus niet van het dak af.
Zoetjes
Hier betekent zoet niet lekker, maar lief en rustig. Een zoet kind is een kind dat niet aan de gordijnen hangt.
Paatjes en moetjes
Daar worden gewoon de vaders en moeders mee bedoeld, in kindertaal. Het klinkt lief, het rijmt op zoetjes, en dat is precies waarom het er staat.

← Alle Sinterklaasliedjes