De gitaar met elastieken snaren
Een schoenendoos is de klankkast, een lange strook karton is de hals, en vier elastieken over het gat zijn de snaren. Als je eraan trekt maken ze echt geluid, en ze klinken zelfs verschillend als je elastieken van verschillende dikte gebruikt. Het cadeau ligt in de doos, onder het gat.
Leg het cadeau in de doos en kijk of het deksel er nog op kan. Zo ja, ga verder. Zo nee, zoek een grotere doos. Een gitaar waar het cadeau naast ligt is geen surprise maar een decorstuk.
Maak het klankgat. Teken op het deksel een rond gat van ongeveer tien centimeter, iets naar de bovenkant toe. Laat een volwassene in het midden een gaatje prikken met de punt van de schaar, knip van daaruit naar je lijn en knip het rondje eruit. Zet het deksel nog niet vast, want het cadeau moet er straks nog in.
Maak de hals. Vouw de strook karton in de lengte dubbel of drievoudig, zodat hij stevig wordt, en plak hem dicht. Trek de vouwlijnen eerst langs een liniaal, dan wordt de hals recht in plaats van krom. Een slappe hals hangt na een dag naar beneden en dan lijkt je gitaar verdrietig.
Plak de hals aan de korte kant van de doos, precies in het midden. Gebruik plakband aan de binnenkant van de doos en lijm aan de buitenkant. Laat dit even liggen tot het droog is voordat je verder gaat, want hier komt straks spanning op te staan.
Beplak of verf alles: de doos, de hals en de bovenkant. Kies één kleur voor de kast en een andere voor de hals, dan lijkt het meteen op een echte gitaar. Verf droogt een nacht, papier is meteen klaar.
Doe eerst het cadeau in de doos en leg het deksel erop. Span daarna pas de elastieken: om de hele doos heen, over het deksel en onder de bodem door, in de lengte en dwars over het gat. Zo zijn het snaren én houden ze het deksel meteen dicht. Loopt er eentje over de plek waar de hals vastzit, des te beter, dan drukt hij de hals extra aan.
Leg onder de elastieken aan weerskanten van het gat een potlood of een stukje rietje. Daardoor komen ze los van het karton te liggen en klinken ze een stuk beter.
Maak de kop van de gitaar. Knip uit karton een rechthoekje dat iets breder is dan de hals en plak het bovenop. Lijm er vier knopen of dopjes op als stemsleutels, twee aan elke kant. Ze doen niets, maar zonder ziet iedereen dat er iets ontbreekt.
Teken met stift streepjes over de hals als fretten, schrijf een naam op de kast en zet er eventueel een sticker op. Tokkel nog één keer aan de snaren om te horen of ze goed strak staan, en de gitaar is speelklaar.
Hoe lang duurt dit echt?
Wij deden er twee uur over, verdeeld over twee avonden. Het bouwen kost ongeveer anderhalf uur, en de hals moet een nacht drogen voordat je er elastieken over spant. Doe je dat te vroeg, dan trekt de hals scheef en dat is niet meer recht te krijgen.
Werk je met gekleurd papier in plaats van verf, dan kan het in één keer af in ongeveer anderhalf uur, en met een kind erbij in twee. Het spannen van de elastieken duurt daarbij altijd langer dan je denkt, want de eerste twee schieten weg.
Weinig tijd? Doe dit
Neem de doos, knip er een rond gat in, span vier elastieken om de hele doos heen en plak een strook karton aan de korte kant als hals. Geen verf, geen stemsleutels, geen fretten. Teken de rest met een dikke zwarte stift.
Dat kost je ongeveer 25 minuten en de gitaar doet precies hetzelfde: hij pingt. Dat is uiteindelijk waar het om gaat.
Waar gaat het cadeau in?
In de doos, onder het deksel met de snaren. Het klankgat is te klein om er iets doorheen te duwen, en dat is precies goed.
- Span de elastieken pas nadat het cadeau erin ligt. Anders moet je ze er allemaal weer af halen en breekt er altijd eentje.
- Is het cadeau klein, leg het dan vlak onder het gat en vul de rest op met kranten. Wie door het gat kijkt, ziet dan iets liggen zonder te weten wat.
- Geld of een kaartje? Rol het op en steek het door het gat, half naar buiten. Dan hangt het eruit als een snaar die is losgeschoten.
- Meerdere kleine cadeautjes gaan er goed in als je de doos verdeelt met twee stroken karton, als vakjes.